Muziek speelt een grote rol in de Belgische cultuur. Er zijn een aantal muziekinstrumenten die hun oorsprong in België vinden.

De saxofoon is door de Belg Adolphe Sax uitgevonden in 1846. Dit blaasinstrument is een wereldhit geworden door de bijzondere klanken die het instrument voortbrengt. Het vergt behoorlijk wat oefening om dit instrument te kunnen bespelen. In eerste aanleg werd dit instrument vooral voor klassieke muziek gebruikt. Nu is dit blaasinstrument niet weg te denken bij de Jazzmuziek.

Een ander typisch Belgisch instrument is de pijpzak. De pijpzak is de Belgische versie van de doedelzak. Dit instrument werd vooral gebruikt door volksmuzikanten. De verschillende tonen worden geproduceerd door met de vingers verschillende gaten af te dekken tijdens het blazen.

Op lokale dorpsfeesten traden de muzikanten op waarbij ook veel gebruik werd gemaakt van fluiten, koehoorns, bellen en allerlei soorten trommels. In latere jaren zijn deze instrumenten veelal vervangen door het accordeon.

De epinette is een snaar instrument dat vroeger het orgel in de kerken voor armen was. Tegenwoordig wordt dit instrument in België niet veel meer gezien maar er zijn nog enkele liefhebbers die regelmatig bijeenkomen om dit instrument te bespelen.

De hommel of plankciter is een ander snaarinstrument dat uit vroegere tijden stamt, maar in Vlaanderen nog wel gemaakt en bespeeld wordt.

Een heel recente Belgische uitvinding op het gebied van muziekinstrumenten is de kelstone. Dit instrument is het beste te omschrijven als een kruising tussen een gitaar en een piano. Het instrument staat voor de speler net zoals een piano of keyboard en heeft twee armen. Aan elke zijde zitten negen snaren. Aan de ene kant zijn baspartijen te spelen en aan de andere kant akkoorden en melodie. Ondanks dat er meer snaren aanwezig zijn als bij de gitaar is dit instrument gemakkelijker om te bespelen. Met dit instrument is het mogelijk om muziek te maken waarvoor anders twee instrumenten nodig zijn.